Fly/Walk Navigation (Vlieg/Wandel -Navigatie)¶
De standaard navigatiebedieningen kunnen soms beperkend zijn, vooral voor grote omgevingen zoals architecturale modellen. In dergelijke gevallen kan het voordeliger zijn om in plaats daarvan de first-person bediening te gebruiken, waarbij u zich kunt omkijken terwijl u ‘op dezelfde plek staat’, in plaats van rond een centraal perspectief te draaien.
Blender biedt twee alternatieve navigatiemethoden: Vliegen en Wandelen. Om deze functies te gebruiken navigeer naar View ‣ Navigation menu. U kunt ook vanuit de voorkeur ingestelde methode (geconfigureerd in de Preferences) te gebruiken door :kbd:Shift-Apostrof in te drukken.
View Navigation (Weergave Navigatie).¶
Veelvoorkomende toepassingen voor Vliegen/Wandelen zijn:
- Navigating (Navigeren)
Dit kan een snelle manier zijn om door een grote scène te navigeren.
- Positioneren van een camera
Wanneer geactiveerd vanuit een camerazicht Numpad0, zal de camera met de gebruiker meebewegen.
- Het opnemen van camerabewegingen
You can record the path you take by entering a camera view, enabling Auto Keying, starting animation playback, and finally activating Fly/Walk navigation. The path will be recorded as camera keyframes which can then be used for rendering.
De Animation Playback (afspeelmodus) kan niet worden beïnvloed terwijl de Vliegen/Wandelen-navigatie actief is, dus wanneer u klaar bent met opnemen, moet eerst de navigatie worden beëindigd met LMB voordat de afspeelmodus kan worden gestopt.
Walk Navigation (Wandelnavigatie)¶
Reference (Referentie)
- Mode (Modus):
All modes (Alle modi)
- Menu:
View ‣ Navigation ‣ Walk Navigation
“Deze navigatiemethode gedraagt zich als een first-person game. Het werkt met een combinatie van toetsenbordtoetsen en muisbewegingen.
Usage (Gebruik)¶
Beweeg de muis in de richting waarin u wilt kijken en gebruik de onderstaande toetsen om door de scène te lopen.
Wanneer u tevreden bent met de nieuwe weergave, drukt u op LMB om te bevestigen. Als u terug wilt naar het beginpunt, drukt u op :kbd:Esc of :kbd:RMB.
Al deze toetsen worden ook weergegeven in de Statusbalk tijdens het navigeren. Instellingen zoals mouse sensitivity (muisgevoeligheid) en de standaard snelheid kunnen worden aangepast in de Preferences.
W/Up |
Move forward (Voorwaarts bewegen). |
S/Down |
Move Backward (Achteruit bewegen). |
A/Left |
Strafe left (Links bewegen). |
D/Right |
Strafe right (Rechts bewegen). |
E |
Move Up (omhoog bewegen) (global) – alleen beschikbaar als Gravity (zwaartekracht) uit staat. |
Q |
Move down (omlaag bewegen) (global) – alleen beschikbaar als Gravity (zwaartekracht) uit staat. |
R |
Move Up (omhoog bewegen) (local) – alleen beschikbaar als Gravity (zwaartekracht) uit staat. |
F |
Move down (omlaag bewegen) (local) – alleen beschikbaar als Gravity (zwaartekracht) uit staat. |
Spacebar |
Teleporteer naar de locatie van de crosshair (verschuift met de waarde Camera Height die in de Preferences ofwel voorkeuren is ingesteld). |
WheelUp/NumpadPlus |
Verhoog the bewegingssnelheid. |
WheelDown/NumpadMinus |
Verminder beweggingssnelheid. |
Shift |
Tijdelijk de beweggingssnelheid verhogen. |
Alt |
Tijdelijk de beweggingssnelheid vertragen. |
V |
Jump (Springen) – alleen beschikbaar wanneer Gravity (zwaartekracht) geactiveerd is . |
Tab |
Schakel Zwaartekracht in/uit. |
Z |
Corrigeer de Z-as van de weergave (rol deze geleidelijk om ervoor te zorgen dat deze rechtop staat en niet naar een zijkant is gekanteld. |
Period |
Verhoogt de springhoogte. |
Comma |
Verlaagt de springhoogte. |
Fly Navigation (Vliegnavigatie)¶
Reference (Referentie)
- Mode (Modus):
All modes (Alle modi)
- Menu:
View ‣ Navigation ‣ Fly Navigation
Bij activatie wordt de cursor gecentreerd binnen een rechthoek die een veilige zone definieert. Wanneer de cursor buiten deze zone is, zal de weergave draaien/pannen.
Usage (Gebruik)¶
Beweeg de muis buiten de veilige zone in de richting waarin u wilt kijken.
Klik op LMB of druk op Spacebar`om de huidige weergave te behouden en vliegnavigatie te verlaten. Als u terug wilt naar het beginpunt, druk op :kbd:`Esc`of :kbd:`RMB.
W/Up |
Versnel vooruit. |
S/Down |
Versnel achteruit. |
A/Left |
Versnel naar links. |
D/Right |
Versnel naar rechts. |
E |
Versnel omhoog. |
Q |
Versnel omlaag. |
MMK |
Sleep om de weergave te pannen. Vliegen wordt gepauzeerd terwijl u dit doet. |
WheelUp/NumpadPlus |
Verhoog de versnelling in de bewegingsrichting. Als er geen beweging is, begin dan vooruit te versnellen. |
WheelDown/NumpadMinus |
Verlaag de versnelling in de bewegingsrichting. Als er geen beweging is, begin dan achteruit te versnellen. |
Alt |
Vertraag zolang de toets ingedrukt is, totdat de weergave uiteindelijk tot stilstand komt. |
Ctrl |
Schakel rotatie uit – terwijl de toets ingedrukt is, heeft de weergaverotatie geen invloed op de vliegrichting. Dit stelt u in staat om langs een object te vliegen en het gecentreerd in de weergave te houden, zelfs terwijl u ervan wegvliegt. |
X |
Schakel de correctie van de X-as in/uit. Wanneer ingeschakeld, zal de weergave geleidelijk kantelen om naar de horizon te kijken wanneer de cursor in de veilige zone is. |
Z |
Schakel de correctie van de Z-as in/uit. Wanneer deze is ingeschakeld, zal de weergave geleidelijk rollen naar een rechte oriëntatie. |