Editing F-Curves¶
Transform (Transformeren)¶
Reference (Referentie)
- Mode (Modus):
Edit Mode (Bewerkingsmodus)
- Menu:
Een F-Curve kan worden bewerkt door de posities van de keyframes te transformeren.
- Move, Rotate, Scale (Verplaats, Roteer, Schaal)
Net als andere elementen in Blender kunnen keyframes worden verplaatst, gedraaid en geschaald, zoals beschreven in Basic Transformations.
- Extend E
Stelt in staat om de geselecteerde keyframes verplaatsen die aan een bepaalde kant van de Speelkop staan. Dit is handig als men bijvoorbeeld alle keyframes na een bepaald tijdspunt naar rechts moet verplaatsen om ruimte te maken voor nieuwe.
Om deze operator te gebruiken, selecteer eerst enkele of alle keyframes en plaats de muisaanwijzer aan de linker- of rechterkant van de Speelkop. Druk vervolgens op E, beweeg de muis om (alleen) de keyframes aan die kant van de Speelkop te verplaatsen, en druk op LMB om te bevestigen (of RMB om te annuleren).
Tip
Ook kan de Key Frame en Value eigenschappen worden aangepast in wanneer men exacte nummers wilt opgeven.
Tijdens het transformeren van keyframes kan Shift ingedrukt worden om de keyframes langzamer te verplaatsen voor meer precisie, of Ctrl om ze in grove stappen te verplaatsen.
Snap (Snap-functie)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
Shift-S
Naast het gebruik van de inschakelopties in dit menu, kan ook snapping ingeschakelt worden in de hoofdbalk.
- Selection to Current Frame (Selectie naar Huidig Frame)
Verplaats de geselecteerde keyframes naar het huidige frame.
- Selection to Cursor Value (Selectie naar de Cursorwaarde)
Stel de waarde van de geselecteerde keyframes in op die van de 2D Cursor.
- Selection to Nearest Frame (Selectie naar Dichtsbijzijnde Frame)
Rond de tijd van elke keyframe af naar het dichtsbijzijnde frame.
- Selection to Nearest Second (Selectie naar Dichtsbijzijnde Seconde)
Round the time of each keyframe to the nearest second. You can use Use Timecode to show seconds instead of frames at the top of the editor.
- Selection to Nearest Marker (Selectie naar Dichtsbijzijnde Markering)
Stel de tijd van elke keyframe in op die van de dichtstbijzijnde marker.
- Flatten Handles (Plat maken van hendels)
Maak de Bézier hendels van de geselecteerde keyframes plat.
- Equalize Handles (Egaliseer hendels)
Zorg ervoor dat de hendels van de geselecteerde keyframes gelijke lengte hebben.
- Side (Zijde)
Welke hendels beïnvloed moeten worden (links, rechts, of beide).
- Handle Length (Hendel Lengte)
De lengte om de geselecteerde keyframes Bézier hendels te maken.
- Flatten (Plat maken)
Maak de waarden van de hendels hetzelfde als die van hun respectieve keyframes.
- Cursor to Selected Ctrl-G
Verandert de tijd en waarde van de 2D Cursor naar de gemiddelde tijd en waarde van de geselecteerde keyframes.
- Cursor Value to Selection (Cursorwaarde naar Selectie)
Verandert de waarde van de 2D Cursor naar de gemiddelde waarde van de geselecteerde keyframes.
Mirror (Spiegel)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
Ctrl-M
Spiegelt de geselecteerde keyframes over een referentiepunt.
- By Times over Current Frame (Spiegel Horizontaal over Huidig Frame)
Spiegelt horizontaal over het huidige frame.
- By Values over Cursor Value (Spiegel Verticaal over de Cursorwaarde)
Spiegelt verticaal over de 2D cursorwaarde.
- By Times over Zero Time (Spiegel Horizontaal over Frame 0)
Spiegelt horizontaal over frame 0.
- By Values over Zero Value (Spiegel Verticaal over Frame 0)
Spiegelt verticaal over frame 0.
- By Times over First Selected Marker (Spiegel Horizontaal over de Eerst Geselecteerde Marker)
Spiegelt horizontaal over de eerst geselecteerde marker.
Jump to Selected (Spring naar Geselecteerde)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
Ctrl-G
Plaatst de 2D-cursor op de gemiddelde tijd en waarde van de geselecteerde keyframes.
Insert (Invoegen)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
I
Voegt nieuwe keyframes toe en selecteert ze. Voormalig geselecteerde keyframes blijven ook geselecteerd.
- All Channels (Alle Kanalen)
Voeg een keyframe toe op alle zichtbare en bewerkbare F-Curves door de eigenwaarde van elke curve te gebruiken.
- Only Selected Channels (Alleen Geselecteerde Kanalen)
Voeg een keyframe toe op geselecteerde F-Curves door de eigenwaarde van elke curve te gebruiken.
- Only Active F-Curve (Alleen Actieve F-Curve)
Voeg een keyframe toe op de actieve F-Curve door de eigenwaarde van de curve te gebruiken.
- Active Channels at Cursor (Actieve Kanelen op de Cursor)
Voeg alleen een keyframe toe op de actieve F-Curve op de waarde van de 2D Cursor.
- Selected Channels at Cursor (Geselecteerde Kanalen op de Cursor)
Voeg alleen een keyframe toe op de geselecteerde F-Curves op de waarde van de 2D Cursor.
Kopiëren/Plakken¶
Reference (Referentie)
- Menu:
,
- Shortcut (Sneltoets):
Ctrl-C, Ctrl-V
Gebruik Ctrl-C om de geselecteerde keyframes te kopiëren en Ctrl-V om ze te plakken. Na het plakken biedt het Adjust Last Operation (Laatste operatie aanpassen) paneel enkele extra opties:
- Frame Offset (Frameverschuiving)
Vershuift de geplakte keyframes horizontaal zodat…
- Frame Start (Startframe)
…de eerste op het huidige frame terechtkomt.
- Frame End (Eindframe)
…de laatste op het huidige frame terechtkomt.
- Frame Relative (Frame Relatief)
…ze op dezelfde afstand van het huidige frame terechtkomen als toen ze gekopieerd werden.
- No Offset (Geen Offset)
…ze op hun oorspronkelijke frames blijven staan.
- Value Offset (Offsetwaarde)
Vershuift de geplakte keyframes verticaal zodat…
- Left Key (Linkerkey)
…de eerste heeft de waarde van de bestaande keyframe links van de Speelkop.
- Right Key (Rechterkey)
…de laatste de waarde heeft van de bestaande keyframe rechts van de Playhead.
- Current Frame Value (Huidige Framewaarde)
…de eerste heeft de waarde van de curve op het huidige frame.
- Cursor Value (Cursorwaarde)
…de eerste die de waarde heeft van de 2D Cursor.
- No Offset (Geen Offset)
…ze behouden hun oorspronkelijke waarden.
- Type (Type)
- Mix (Mixen)
Integreert de geplakte keyframes met de bestaande, waarbij alleen de keyframes die hetzelfde frame delen, worden overschreven.
- Overwrite All (Alles Overschrijven)
Verwijdert alle eerdere keyframes in de target F-Curves.
- Overwrite Range (Overschrijfbereik)
Verwijdert binnen elke F-Curve de bestaande keyframes die zich in het bereik van de geplakte keyframes bevinden.
- Overwrite Entire Range (Overschrijf over het Gehele Bereik)
Verwijdert binnen elke F-curve de bestaande keyframes die zich in het bereik van alle geplakte keyframes samen bevinden.
- Flipped (Omgewisselt)
Wanneer men keyframes heeft gekopieerd van één of meer paren van symmetrically opposite bones, zal het inschakelen van deze optie de keyframes van de linkerbotten in de curves van de rechterbotten plakken en vice versa. Bovendien worden de waarden omgekeerd, waardoor de animatie wordt gespiegeld.
Duplicate (Dupliceren)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
Shift-D
Dupliceert de geselecteerde keyframes. Men kan ze verplaatsen door de muis te bewegen.
Delete (Verwijderen)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
X, Delete
Door X of Delete in te drukken, wordt een pop-upmenu geopend waar je de geselecteerde keyframes kunt verwijderen.
Handle Type (HandgreepType)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
V
Stelt de handle type van de geselecteerde keyframe in.
Interpolation Mode (Interpolatiemodus)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
T
Stelt de interpolation mode in van de geselecteerde keyframes. Dit bepaalt de curve-interpolatie tussen elke keyframe en de volgende.
Easing Type¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
Ctrl-E
Stelt de easing mode in van de geselecteerde keyframes. Dit bepaalt of easing wordt toegepast op de linkerkant, rechterkant of beide zijden van de curvesegmenten tussen elke keyframe en de volgende.
Density (Dichtheid)¶
Decimate (Verminderen)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Menu:
Vereenvoudigt een F-curve door de keyframes te verwijderen die de vorm ervan het minste beïnvloeden.
- Mode (Modus)
Hoeveel keyframes gekozen moeten worden om te verwijderen.
- Ratio (Ratio)
Verwijdert een bepaald percentage aan keyframes.
- Remove (Verwijderen)
Het percentage keyframes om te verwijderen.
- Error Margin (Foutmarge)
Verwijdert zoveel mogelijk keyframes terwijl de vorm van de F-Curve wordt behouden dan een bepaald ingestelde waarde.
- Max Error Margin (Maximale Foutmarge)
Hoeveel de verminderde curve mag afwijken van het origineel.
Bake Keyframes (Vastleggen/bakken Keyframes)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
Shift-Alt-O
Creëert een keyframe op elk frame.
Zie ook
Bake Channels, die opties biedt voor welk bereik gebakken moet worden en hoe.
Clean Keyframes (Opschonen Keyframes)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
X
Zoekt naar overbodige keyframes tussen de geselecteerde en verwijdert deze. Een keyframe wordt als overbodig beschouwd als het dezelfde waarde heeft als zijn buren, zelfs als de curvesegmenten eromheen niet vlak zijn.
Tip
Deze operator zal waarschijnlijk de vorm van de getroffen curve veranderen, dus het is het beste om deze uit te voeren na bijvoorbeeld bulk-keyframe-insertie op alle botten van een armatuur (wat nutteloze keyframes creëert op botten die niet zijn bewogen) en vóór het handmatig aanpassen van de krommen.
- Threshold (Drempel)
Waardedrempel. Door deze te verhogen, kun men ook keyframes verwijderen die bijna dezelfde waarde hebben als hun buren.
- Channels (Kanalen)
Verwijdert alle keyframes (zelfs niet-geselecteerde) in de geselecteerde F-curves. Als een curve alleen nog maar één keyframe heeft, wordt deze volledig verwijderd.
Blend (Vermengen)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
Alt-D
Past de waarden van de geselecteerde keyframes aan met een bepaald percentage. Selecteer een blendoperator, beweeg de muis naar links of rechts om de factor aan te passen en klik op LMB om te bevestigen (of RMB om te annuleren).
Verschillende blendoperatoren werken op basis van “neighboring keyframes.” Dit betekent dat ze de geselecteerde keyframes verdelen in aaneengeschakelde groepen, en vervolgens de niet-geselecteerde keyframes direct voor en na elke groep refereren.
Breakdown¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Stelt de waarde van de geselecteerde keyframes in op een interpolatie van hun buren.
- Factor (Factor)
Bij -1 worden de keyframes ingesteld op de waarde van de linkerbuur.
Bij 1 worden de keyframes ingesteld op de waarde van de rechterbuur.
Voor andere factoren worden ze ingesteld op een interpolatie tussen de twee buurwaarden, waarbij 0 precies in het midden ligt.
Blend to Neighbor (Blenden naar naburige)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Verplaatst elke geselecteerde keyframe naar de waarde van de linker- of rechterbuur met een bepaald percentage.
- Blend (Vermengen)
Wanneer negatief, beweegt elke keyframe Blend percentage naar de waarde van de linkerbuur.
Wanneer positief, beweegt elke keyframe naar de rechterbuur.
Wanneer de waarde nul is, behouden de keyframes hun orginele waarden.
Blend to Default Value (Blend naar Standaardwaarde)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Verplaatst de geselecteerde keyframes naar de standaardwaarde van de eigenschap met een bepaald percentage.
- Factor (Factor)
Hoeveel de waarden van de keyframes moeten worden veranderd, van 0 (geen verandering) tot 1 (terugzetten naar de standaardwaarde).
Zie ook
De Reset to Default operator zet een eigenschap terug naar de standaardwaarde zonder dat keyframing nodig is.
Ease (Soepel)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Laat de geselecteerde keyframes een S-Curve volgen. Terwijl de schuifregelaar zichtbaar is (dus nadat de operator is geactiveerd maar voordat bevestigt wordt met LMB), kan Tab worden in gedrukt om te schakelen tussen de instellingen die men wilt bewerken:
- Curve Bend
Een negatieve waarde geeft meer gewicht aan de linkerzijde, terwijl een positieve waarde meer gewicht aan de rechterzijde geeft. Een waarde van 0 resulteert in een gebalanceerde curve.
- Sharpness (Scherpte)
Een lage waarde resulteert in een bijna rechte diagonale lijn, terwijl een hoge waarde resulteert in een steile stijging/daling in de curve.
Blend Offset¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Verplaatst de geselecteerde keyframes omhoog of omlaag — allemaal met hetzelfde bedrag — totdat de eerste/laatste overeenkomt met de linker/rechter buur.
- Offset Factor
Bij -1 wordt de eerste geselecteerde key uitgelijnd met de linkerbuur.
Bij 1 wordt de eerste geselecteerde key uitgelijnd met de rechterbuur.
Bij 0 is er geen verandering.
Blend to Ease¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Blendt de geselecteerde keyframes naar een “ease in” of “ease out” curve.
- Blend (Vermengen)
At -1, the keys will follow an “ease in” curve, with small value changes in the beginning and large changes towards the end.
Bij 1 volgen de keyframes een “ease out” curve, met grote waardeveranderingen aan het begin en kleine veranderingen aan het einde.
Bij 0 is er geen verandering.
Match Slope¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Blendt de geselecteerde keyframes naar een rechte lijn die door twee keyframes net buiten de huidige selectie gaat.
- Factor (Factor)
Negatieve waarden gebruiken de twee keyframes links van de selectie.
Positieve waarden gebruiken de twee keyframes rechts van de selectie.
Bij nul is er geen verandering.
Push Pull¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Verplaatst de geselecteerde keyframes naar, of weg van, de rechte lijn die door de eerste en laatste geselecteerde keyframe gaat.
- Factor (Factor)
Bij 0, zullen de keyframes op de rechte lijn liggen.
Bij 1, behouden de keyframes hun orginele waarden.
Bij 2, zullen elke keyframes hun waarde tweemaal zo ver liggen van de rechte lijn als voorheen.
Shear Keys¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Shears de geselecteerde keyframes – dat wil zeggen, verandert hun waarde met een hoeveelheid die toeneemt naarmate ze verder in de tijd afwijken van een referentie-keyframe. Standaard is dit referentie-keyframe de meest linkse geselecteerde, maar men kan in plaats daarvan de meest rechtse gebruiken door D in te drukken.
- Shear Factor
Hoeveel te shearen. Negatieve waarden verplaatsen de keyframes naar beneden, terwijl positieve waarden ze naar boven verplaatsen.
- Direction (Richting)
Of de meest linkse of de meest rechtse geselecteerde keyframe als referentie te gebruiken.
Scale Average (Schaal Gemiddelde)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Schaalt de geselecteerde keyframes verticaal, waarbij de gemiddelde waarde als draaipunt wordt gebruikt.
- Factor (Factor)
Bij 0 zullen de keyframes allemaal de gemiddelde waarde hebben.
Bij 1, behouden de keyframes hun orginele waarden.
Bij 2 zal de waarde van elke keyframe twee keer zo ver van de gemiddelde waarde liggen als daarvoor.
Scale from Neighbor (Schaal van de Buur)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Schaalt de geselecteerde keyframes verticaal, waarbij een keyframe net buiten de selectie als draaipunt wordt gebruikt. Standaard is dit de buur aan de linkerzijde van de selectie, maar in plaats daarvan kan de rechterbuur worden gebruikt door D in te drukken.
- Factor (Factor)
De schaalfactor om toe te passen.
- Reference Key
Of de linker- of rechterbuur als draaipunt te gebruiken.
Time Offset¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Verschuift de waarden van de geselecteerde keyframes zodat de resulterende F-curve lijkt te bewegen in de tijd. Werkt het beste met veel keyframes.
Terwijl de curve het tijdsbereik van de geselecteerde keyframes aan de ene kant verlaat, wikkelt deze zich aan de andere kant weer terug, verticaal verschoven zodat de uiteinden aansluiten en er geen sprongetje is.
- Frame Offset (Frameverschuiving)
Het aantal frames waarmee de F-curve verschoven moet worden. De schuifregelaar is beperkt tot het bereik -10 … 10, maar men kan ook grotere nummers invoeren.
Smooth (Glad maken)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
Alt-S
Smooth (Gaussian)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Verzacht de geselecteerde keyframes met een Gaussiaanse kernel. Klik op het menu-item, beweeg de muis naar links of rechts om de sterkte aan te passen en klik op LMB om te bevestigen (of RMB om te annuleren).
- Factor (Factor)
Hoe sterk de verzachting toegepast moet worden.
- Sigma
The shape of the Gaussian distribution. Lower values mean a sharper curve, giving keys that are close to each other more weight. A high value behaves like a simple average filter.
- Filter Width (Filterbreedte)
Een bredere filter kijkt naar meer keyframes, wat resulteert in een vloeiender resultaat. Bij een breedte van 1 kijkt het filter alleen naar de keyframes direct links en rechts voor een gewogen gemiddelde.
F-Curve na het toepassen van de Gaussiaanse verzachting met de originele curve eroverheen gelegd.¶
Smooth (Legacy)¶
Reference (Referentie)
- Menu:
- Shortcut (Sneltoets):
Alt-O
Er is ook een optie om de geselecteerde curves te verzachten, maar wees voorzichtig: het algoritme lijkt de afstand tussen elke keyframe en de gemiddelde lineaire waarde van de curve te halveren, wat zorgt voor een vrij sterke verzachting! Let op, de eerste en laatste keyframes lijken nooit te worden gewijzigd door deze tool.
Butterworth Smooth¶
Reference (Referentie)
- Menu:
Verzacht de geselecteerde keyframes met een Butterworth-filter. Klik op het menu-item, beweeg de muis naar links of rechts om de frequentie aan te passen en klik op LMB om te bevestigen (of RMB om te annuleren).
Dit filter is ideaal voor het verzachten van grote hoeveelheden data omdat het de pieken van de animatie behoudt. Het nadeel is dat het een rimpel-effect kan introduceren wanneer de keyframes snel veranderen.
- Frequency Cutoff
Hoe lager de waarde, hoe vloeiender de curve. Er is een impliciet maximum waarbij de waarde de curve niet langer verandert, en dat is op de helft van de monsterfrequentie. De monsterfrequentie is in dit geval de scène-framerate vermenigvuldigd met de Samples per Frame van deze operator.
- Filter order
Hogere waarden betekenen dat de frequentiegrens steiler is.
- Samples per Frame
Voordat het filter wordt toegepast, wordt de curve opnieuw bemonsterd op dit interval om fouten te voorkomen wanneer er ongelijke ruimtes tussen de frames zijn. Als keyframes zich op subframes bevinden, bijvoorbeeld een 60fps-bestand in een 30fps-scène, verhoog dan deze waarde naar 2.
- Blend (Vermengen)
Een waarde tussen 0 en 1 voor het mengen van de originele curve met de verzachte curve.
- Blend In/Out
Het aantal frames aan het begin en het einde waarvoor de originele curve en de verzachte curve worden gemengd. Dit kan helpen om sprongetjes in de animatie aan de rand van de selectie te verminderen. Bij een waarde van 1 wordt alleen het eerste en laatste frame van de selectie vergrendeld op hun originele waarden.